Structuur

Sint Ursula heeft locaties in Horn en in Heythuysen. In de locatie Heythuysen zijn de opleidingen voor VMBO theoretisch, VMBO gemengd en VMBO beroepsgericht (kader en basis) gehuisvest.

Gedurende de eerste twee leerjaren van het voortgezet onderwijs ontvangen alle leerlingen hetzelfde vakkenpakket. De leerstof die in deze vakken wordt aangeboden bestaat voor een groot gedeelte uit verplichte leerstof (basisvorming). In plaats van een uniform basisvorming programma met 15 vakken die voor alle leerlingen verplicht zijn heeft de overheid een richtinggevende set kerndoelen voorgeschreven. Deze kerndoelen beschrijven wat alle leerlingen nodig hebben voor persoonlijk, maatschappelijk en beroepsmatig functioneren en bieden de basis voor het vervolgonderwijs, om te beginnen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Het aantal kerndoelen is beperkt tot 58. De kerndoelen zijn globaal geformuleerd. Daardoor hebben we de ruimte deze  doelen op elk niveau en voor elke leerstijl uit te werken: praktisch of theoretisch, abstract of concreet, op het niveau van de basisberoepsgerichte leerweg of op dat van het vwo, disciplinair of vakoverstijgend. 

De kerndoelen zijn gepresenteerd in zeven leergebieden. Dat wil niet zeggen dat vakken worden ‘afgeschaft’ en leergebieden worden ‘ingevoerd’. Het wil wel zeggen dat de mogelijkheid wordt geboden aan scholen om zélf die keuzes te maken, om zodoende passende onderwijsprogramma’s 

te bieden. Tenminste tweederde van de lestijd in de eerste twee jaar is beschikbaar voor de kerndoelen. Eenderde van de tijd is dus beschikbaar voor maatwerk en andere, eigen keuzes. In het VMBO kunnen meer praktische en beroepsgerichte programma’s worden aangeboden. Ook kan er bijvoorbeeld meer aandacht worden besteed aan Nederlands of Wiskunde of aan Kunstvakken en Lichamelijke Oefening, kunnen uitdagende programma’s voor hoogbegaafden aangeboden worden en klassieke talen in het gymnasium worden verzorgd. Op deze manier wordt het voor scholen mogelijk gemaakt hún onderbouw verder te ontwikkelen. 

Hoe we met de nieuwe wettelijke kaders voor de onderbouw zijn om-gegaan wordt zichtbaar in de lessentabel waarin sectororiëntatie en keuzebegeleiding een prominente plek hebben gekregen.  Daarnaast krijgt de leerling, leerstof aangeboden die nodig is voor het behalen van een diploma. Na twee leerjaren in de onderbouw kiest de leerling op basis van resultaten en interesses een van de sectoren en leerwegen op onze school. Hierbij wordt de leerling vanaf het begin begeleid en stap voor stap toe-geleid naar de juiste leerweg en sector.

De leerlingen komen van veel verschillende basisscholen en worden op grond van adviezen en testuitslagen geplaatst in de tweejarige onderbouw in een van de volgende brugklassen:

  • de theoretische klas: leidt op voor de theoretische- en gemengde leerweg
  • de combinatieklas: leidt op voor detheoretische-, gemengde-, kader- en basisberoepsgerichte  leerweg.

 

Gedurende de onderbouwperiode volgen de leerlingen les in de vakken, volgens het lesrooster dat u elders in deze schoolgids aantreft. Aan het einde van de onderbouw wordt de leerling gericht bevorderd. Dat wil zeggen dat de school bepaalt welke leerweg de leerling gaat volgen. Doubleren in de onderbouw is in principe niet mogelijk, behalve in geval van ziekte of buitengewone omstandigheden. In leerjaar 1 bestaat voorleerlingen de mogelijkheid te kiezen voor een B-programma in leerjaar 2 als voorbereiding op het volgen van de basisberoepsgerichte leerweg in een van de sectoren.

Na de uitreiking van rapport twee in leerjaar 1, worden de ouders/verzorgers en de leerling, uitgenodigd voor een gesprek met de mentor. Uitgangspunt voor dit gesprek zijn de behaalde resultaten, waarbij gekeken wordt naar de cijfers op D-niveau en het advies van de rapport-vergadering.