Sint Ursula - Algemene Natuurwetenschappen

Begrippenlijst ANW

Onderwerp De hemel (art. 43-44-45-46-47-48)

begrip
uitleg
lichtvervuilingDe diffuse verlichting van de nachthemel die ervoor zorgt dat lichtzwakke objecten onzichtbaar worden. Dit strooilicht wordt veroorzaakt door de verlichting van steden, dorpen, wegen en agrarische en industriele bedrijven.
magnitudeMaat voor de helderheid van een hemelobject. Hoe groter het magnitude-getal des te zwakker het object. Per magnitude-eenheid wordt een object ongeveer 2,5 maal zo zwak. De zwakste objecten die met het blote oog zichtbaar zijn, hebben magnitude 5. De helderste sterren hebben magnitude -1.
hemelbolDe denkbeeldige bol waartegen we vanaf de aarde de hemellichamen geprojecteerd zien.
zenithHet punt op de hemelbol recht boven de waarnemer.
nadirHet punt op de hemelbol recht onder de waarnemer (dus niet zichtbaar).
hemelequatorDe projectie van de evenaar op de hemelbol.
poolsterDe ster die ongeveer recht boven de noordpool staat.
eclipticaDe projectie van het baanvlak van de aarde op de hemelbol. Dit is de lijn waarlangs de zon, de maan en de planeten langs de hemelbol bewegen.
maansverduisteringDe maan beweegt door de schaduwkegel van de aarde. De aarde staat tussen de zon en de maan in, het is dus volle maan.
zonsverduisteringDe schaduwkegel van de maan raakt de aarde. De maan staat tussen de zon en de aarde in, het is dus nieuwe maan.
maanfasenDe schijngestalten van de maan in de loop van een maand (=omloopperiode van de maan rond de aarde). De belangrijkste zijn: nieuwe maan, eerste kwartier, volle maan, laatste kwartier.
gnomonEen verticaal geplaatste stok die een schaduw werpt.
EratosthenesGrieks geleerde te Alexandrië in de 3e eeuw voor Chr.
Hij was een universeel geleerde, bepaalde o.a. de omtrek van de aarde m.b.v. een gnomon.