| lichtvervuiling | De diffuse verlichting van de nachthemel die ervoor zorgt dat lichtzwakke objecten onzichtbaar worden. Dit strooilicht wordt veroorzaakt door de verlichting van steden, dorpen, wegen en agrarische en industriele bedrijven. |
| magnitude | Maat voor de helderheid van een hemelobject. Hoe groter het magnitude-getal des te zwakker het object. Per magnitude-eenheid wordt een object ongeveer 2,5 maal zo zwak. De zwakste objecten die met het blote oog zichtbaar zijn, hebben magnitude 5. De helderste sterren hebben magnitude -1. |
| hemelbol | De denkbeeldige bol waartegen we vanaf de aarde de hemellichamen geprojecteerd zien. |
| zenith | Het punt op de hemelbol recht boven de waarnemer. |
| nadir | Het punt op de hemelbol recht onder de waarnemer (dus niet zichtbaar). |
| hemelequator | De projectie van de evenaar op de hemelbol. |
| poolster | De ster die ongeveer recht boven de noordpool staat. |
| ecliptica | De projectie van het baanvlak van de aarde op de hemelbol. Dit is de lijn waarlangs de zon, de maan en de planeten langs de hemelbol bewegen. |
| maansverduistering | De maan beweegt door de schaduwkegel van de aarde. De aarde staat tussen de zon en de maan in, het is dus volle maan. |
| zonsverduistering | De schaduwkegel van de maan raakt de aarde. De maan staat tussen de zon en de aarde in, het is dus nieuwe maan. |
| maanfasen | De schijngestalten van de maan in de loop van een maand (=omloopperiode van de maan rond de aarde). De belangrijkste zijn: nieuwe maan, eerste kwartier, volle maan, laatste kwartier. |
| gnomon | Een verticaal geplaatste stok die een schaduw werpt. |
| Eratosthenes | Grieks geleerde te Alexandrië in de 3e eeuw voor Chr. Hij was een universeel geleerde, bepaalde o.a. de omtrek van de aarde m.b.v. een gnomon. |